'Paaltjesvechten' - mijn nieuwe boek is uit!
Begin jaren zeventig verhuist een Amsterdams gezin naar een gloednieuwe wijk ergens in Midden-Holland: een vierkant van zand, heipalen en identieke huizen. Voor de jonge Jeroen wordt het een wereld vol eerste keren: nieuwe vrienden, spelletjes, jaloezie, verraad, schaamte en muziek. Tussen driewielers, voetbalveldjes en schoolpleinen ontstaat een universum waarin alles draait om winnen en verliezen. Maar zodra meisjes, verlangen en afscheid hun intrede doen, blijkt niets meer hetzelfde. De novelle Paaltjesvechten is een miniatuurtje over jeugd, loyaliteit en hoe je geheugen je soms lelijk kan bedriegen.
Fragment: Alles was vanaf het begin al misgegaan. Toen we die ochtend nog maar net in de bus zaten moest iedereen zijn snoep in een grote plastic zak doen en dat was helemaal niet eerlijk want ik had veel meer meegekregen dan de meeste anderen. Maar Meester Miggelbrink vond dat iedereen evenveel moest krijgen. Dat was echt weer zo’n Meester Miggelbrink-idee, volgens Vera stemde hij op de rooien en haar ouders zeiden dat als iedereen op de rooien zou stemmen het einde verhaal was, van welk verhaal wist Vera ook niet precies.
Hoe verder we van Prinsenveld weg reden, hoe meer gekke auto’s we zagen. Ford Capri’s, bijvoorbeeld. Die kostten wel zeventienduizend gulden en hadden zo’n 1600 cc. Er waren genoeg andere auto’s met dezelfde inhoud die goedkoper waren, maar bij de Ford Capri ging het natuurlijk ook om het model – de golvende beweging in het dak. Ik hield niet van Fords – ze zagen er altijd wat bozig uit. Ze hadden van die zware wenkbrauwen, van die ontevreden koppen. Citroën en Simca waren mijn favoriete merken, en heus niet alleen omdat papa dat ook vond. Citroën had altijd van die leuke ribbeltjeskoplampen, en bij Simca waren ze dan weer mooi rond. En natuurlijk hadden Franse auto’s altijd gele lampen in plaats van witte – Amsterdamse uitjes waren toch ook lekkerder dan zilveruitjes?
Reacties